“Er zijn drie aspecten die ik heel belangrijk vind in een baan: juridische inhoud, veel afwisseling en eindverantwoordelijkheid”, zegt Eva - officier van justitie bij het functioneel parket. Daarom ging ze een intensief en leerzaam opleidingstraject aan om officier van justitie te worden.
“In die functie komt alles samen: ik weet ’s ochtends nooit hoe de rest van de dag eruit gaat zien, ik hang de hele dag aan de telefoon met de politie en andere opsporingsdiensten zoals de Arbeidsinspectie en de NVWA, maak het hele voortraject van een zaak mee én ik mag aan de touwtjes trekken.
Eva heeft niet altijd gedroomd van een baan bij het OM. “Ik had er eigenlijk nooit over nagedacht. Ik werkte tijdens mijn studie rechten als griffier bij de rechtbank en dacht dat ik rechter wilde worden. Pas toen er een grote milieustrafzaak voorbijkwam, ontdekte ik dat ik het werk van de officieren bij het functioneel parket heel interessant vond, heel anders dan gewoon strafrecht. Toen ze me vroegen of ik voor het OM wilde werken, ben ik overgestapt.”
Eva begon als secretaris bij het functioneel parket en mocht OM-hoorzittingen en hoorgesprekken doen, maar voelde dat er een limiet zat aan haar functie. “Ik wilde naast het juridisch inhoudelijke werk ook graag de ‘echte’ zittingen doen”, zegt ze. “En niet als rechter, maar in een rol waarbij je aan meerdere touwtjes kunt trekken, dus soms ook kunt beslissen om niet naar zitting te gaan, maar het anders aan te pakken.” Ze besloot te solliciteren voor een baan als OIO, maar werd niet direct aangenomen. “Dat snap ik nu: ik had nog amper zittingservaring en kwam maar net aan de benodigde zes jaar werkervaring. De opleider moedigde me aan om eerst een tijdje als adjunct-officier te gaan werken en meer ervaring op te doen.” Dat deed ze. En toen ze drie jaar later opnieuw solliciteerde, werd ze aangenomen voor de opleiding tot officier van justitie bij het functioneel parket.
Het was een pittig traject, vindt Eva, die net klaar is met die opleiding. Maar ook een traject waarin ze heel veel facetten van het OM én de rechtspraak heeft gezien en gegroeid is in het nemen van belangrijke beslissingen. “Omdat ik al adjunct-officier was, begon ik niet bij een arrondissementsparket, zoals de meeste OIO's, maar was mijn eerste leer-werkomgeving het ressortsparket. Daar komen zaken voor in hoger beroep. Dat vond ik in het begin best spannend, maar mijn opleider stelde me gerust: alles is al een keer gezegd: nu hoef jij alleen in hoger beroep te zeggen wat jij ervan vindt.”
Na haar tijd bij het ressortsparket ging Eva naar interventies, waar ze ook ZSM-diensten draaide en vaak snel moest beslissen over kleinere, veelvoorkomende zaken zoals diefstal. Ze liep dagstages bij politie en opsporingsdiensten en ging zelfs een half jaar de advocatuur in. "Dat wilde ik zelf graag, omdat ik naast mijn werk bij de rechtbank alleen bij het OM had gewerkt. Ik vond dat waanzinnig. Als OIO mag je na twee introductiedagen als volwaardig advocaat bij een advocatenkantoor werken.” Haar laatste leer-werkomgeving was bij het team onderzoeken van het arrondissementsparket. “Daar komen de grote, ingewikkelde zaken terecht. Superdynamisch en spannend, maar het kan ook beklemmend zijn, omdat je altijd gebeld kunt worden over ontwikkelingen in je onderzoeken. Soms werd ik ’s ochtends wakker en keek ik meteen of er geen grote explosies hadden plaatsgevonden, omdat ik dan wist: dan wordt het onderzoek wéér uitgebreid.” Het was een uitdagende plek, waar Eva in de toekomst graag nog eens zou willen werken.
Ruim drie jaar lang (onderbroken door twee zwangerschapsverloven) leerde Eva veel over het vak én over zichzelf. “Al vanaf de sollicitatie krijg je een spiegel voorgehouden en je blijft bij elke leer-werkomgeving reflecteren op de leerdoelen die je zelf hebt opgesteld in het opleidingsplan. Dat is soms confronterend, maar echt geweldig voor je persoonlijke ontwikkeling.”
Sinds kort is Eva officieel aan de slag als officier van justitie. "Ik leid opsporingsonderzoeken”, legt ze uit. “Ik zit in het team Milieu en Veiligheid. Als er bijvoorbeeld een arbeidsongeval heeft plaatsgevonden op de werkvloer, krijg ik die zaak op mijn bureau. Maar het kan ook gaan om handel in professioneel vuurwerk, internationale smokkel van dieren, mestfraude. De afwisseling is groot. Ook ben ik gebiedsofficier Oost-Nederland en heb de portefeuille synthetische drugs en chemische industrie. Dus als ergens een tank of ketel de lucht ingaat waardoor iemand gewond raakt of overlijdt, dan komt het ook bij mij."
Zodra zoiets gebeurt, start Eva het onderzoek, samen met de opsporingsdiensten. “Ik moet bijvoorbeeld opsporingsmiddelen goedkeuren of aanvragen. Daarmee kunnen we een zaak bouwen- of niet. Als de zaak stevig genoeg is, ben ik bezig met de vraag: gaan we naar zitting of is het beter om bijvoorbeeld via een OM-strafbeschikking of het bestuursrecht een boete op te leggen? Wat heeft het meeste effect in een zaak? Ga je naar zitting, dan heb ik weer een andere rol: dan bereid je je verhaal voor en sta je er.”
Eva heeft veel verantwoordelijkheid en de beslissingen die ze neemt, hebben soms verregaande consequenties. Dat geeft druk en het ís druk. “Ik heb geen 9 tot 5 baan. Ik heb ook piketdiensten en kan wel eens 's nachts gebeld worden. Bij het functioneel parket kan ik wel regelmatig thuiswerken en relatief goed mijn eigen tijd indelen, maar het is natuurlijk geen luizenbaantje. Als er onderzoeken allemaal tegelijk een doorbraak hebben, dan heb je echt niet in de hand hoe je week gaat lopen. Dat wil ik ook meegeven als je begint aan de opleiding: je moet er met ziel en zaligheid ingaan en er echt ruimte voor maken.”
Toch geeft het werk Eva vooral voldoening. "Het mooiste aan mijn baan is het gesprek met mensen aangaan. Dat kunnen nabestaanden zijn, aan wie je uitlegt waarom je iets hebt gedaan of gaat doen, maar ook verdachten tijdens een OM-hoorgesprek of zitting. Ik ben gewoon heel nieuwsgierig waarom mensen doen wat ze doen, dat menselijke vind ik mooi. En ik ben ook blij als ik een rechtszaal uitloop met het idee: we hebben iets goeds gedaan. We hebben geprobeerd om iets dat niet goed is gegaan op een mooie manier te herstellen of benoemen en het slachtoffer schadeloos te stellen.”
Je kunt nu solliciteren voor de opleiding tot officier van justitie tot en met 6 april 2025. Bekijk de vacature